Sociale innovatie en de samenleving

De samenleving verandert snel. Deze ontwikkelingen zijn voor veel organisaties moeilijk bij te benen, terwijl dit voor een goede dienstverlening wel nodig is. Voor commerciële bedrijven is het vanzelfsprekend om mee te bewegen met de veranderende vraag van klanten, anders gaan zij immers failliet. Voor veel (semi) publieke instellingen lijkt dit gegeven minder evident en ogenschijnlijk minder urgent. Het zijn over het algemeen diensten die burgers altijd nodig hebben. Sociale innovatie in de organisatie wordt zo niet geprikkeld. De klant komt toch wel, zou men kunnen denken.

Inmiddels kan je hier je vraagtekens bij zetten. We zien steeds meer particuliere initiatieven in de zorg bijvoorbeeld. En ook op het gebied van scholing zijn steeds meer particuliere aanbieders actief. Denk hierbij ook aan grote bedrijven die hun eigen, specifieke opleidingsfaciliteiten opzetten. In het kader van een leven lang leren verandert ook het karakter van scholing. Dus de behoefte en de noodzaak om mee te bewegen met de maatschappelijke veranderingen wordt steeds groter, innoveren dus. In dit artikel een aanzet hoe je dit kan doen in je organisatie.

Hoe beweegt een organisatie mee met de samenleving?

Volgens onderzoek van de Erasmusuniversiteit in Rotterdam, wordt het rendement van innovatie voor 25% bepaald door technologische innovatie en voor 75% door sociale innovatie. Dat wil zeggen dat een kwart van de opbrengst bepaald wordt door nieuwe technologische ontwikkelingen, nieuwe instrumenten, ICT-oplossingen en dergelijke. Je kan echter prachtige ideeën of instrumenten hebben, maar als het niet ingezet wordt, dan wordt het niets. De manier waarop je dit inzet, omarmt of gebruikt bepaalt dus grotendeels het succes. Sociale innovatie is vernieuwing van de wijze waarop de organisatie wordt bestuurd en de wijze waarop het werk en de samenwerking tussen werknemers wordt georganiseerd. Het maakt investeringen in technologische innovatie effectiever. Maar sociale innovaties zijn ook heel productief als er géén technologische innovatie aan te pas komt. 

Sociale innovatie maakt investeringen in technologische innovatie dus effectiever.

Slimmer werken en het optimaal benutten van managementvaardigheden en de kennis van medewerkers maken het verschil. Door flexibeler en slimmer te werken, beter samen te werken met externe partijen en nieuwe vormen van management te zoeken, kunnen organisaties volgens de Erasmus Universiteit veel beter presteren. Zij onderscheiden hierbij vier hefbomen: slimmer werken, dynamisch management, flexibel organiseren en co-creatie.

1: Slimmer werken

Bij slimmer werken ligt het accent op het optimaal gebruikmaken van de talenten en competenties van medewerkers. Medewerkers doen waar ze goed in zijn en krijgen de ruimte om naar eigen inzicht keuzes te maken en vraagstukken op te lossen. Dit stimuleert tevens de ontwikkeling van hun talenten en vergroot het gevoel van verantwoordelijkheid.

2: Dynamisch management

Bij dynamisch management stimuleert de leidinggevende kennisontwikkeling en toepassing door het formuleren van een heldere, uitdagende en verbindende visie die duidelijkheid geeft aan de professional. Belangrijk hierbij is het aanmoedigen van de motivatie, creativiteit en het ondernemerschap van medewerkers. hierdoor zullen zij eerder nieuwe ontwikkelingen signaleren en inbrengen. Als leidinggevenden dit herkennen kan daar door de organisatie ook sneller op geanticipeerd worden. 

3: Flexibele organisatie

Een flexibele organisatie kan door het inzetten van zelforganisatie en decentrale besluitvorming flexibel omgaan met de omgevingsdynamiek. Dit betekent onder andere het aanpassen van de sturing, processen en werkwijze zodat deze rechtstreeks bijdragen aan de missie van de organisatie. Is dit niet het geval ? pas ze aan of schaf ze af.  Doe je dat niet dan geef je eigenlijk twee verschillende signalen waardoor minder duidelijk is wat je bereiken.  

4: Co-creatie

Door samen te werken met externe partijen – consumenten, klanten, overheden, bedrijven en kennisinstellingen – zijn we in staat om bij onze vraag de juiste kennis te vergaren. Die kennis leidt tot het oplossen van onze vraagstukken. Essentieel bij sociale innovatie is dus het herkennen, verwerven, toepassen en integreren van kennis van de medewerkers en van externe partijen. Aldus onderzoek van de Erasmus Universiteit. Door het optimaal inzetten van de beschikbare kennis en expertise kan een organisatie dus steeds weer goed antwoord geven op de veranderende vraag en daarmee haar dienstverlening verbeteren. Je hoeft dus niet alles zelf in huis te hebben als je er maar zorgt dat je toegang hebt tot de juiste expertise en deze snel beschikbaar is. 

Zichtbare resultaten van sociale innovatie

En de resultaten? Die zijn er ook. Belangrijk is daarbij wel dat je de hefbomen gelijktijdig toe past, het zijn communicerende vaten. Volgens het onderzoek van de Erasmus universiteit leidt deze manier van werken tot;

  • 21% hogere productiviteit,
  • 17% meer nieuwe klanten,
  • 16% meer omzetgroei
  • 12% meer tevreden werknemers.

En in tijdens van personele schaarste is dit laatste van groot belang. Medewerkers die werken in het onderwijs zijn veelal het werk gaan doen vanuit een intrinsieke motivatie. Als de werkdruk te hoog wordt, zij aan hun eigenlijk werk steeds minder toekomen omdat de  werkzaamheden daarom heen soms onnodig complex gemaakt zijn, dan komt dit het werkplezier niet ten goede. Dit draagt bij aan het gevoel van onmacht. Het water staat me aan de lippen, ik zie de oplossing maar kom er niet aan toe.

An organization is only fit for the future if, it is fit for human beings

Sociale innovatie maakt werk leuker & beter

In het boek ‘Alle mens aan dek’, geven we handvatten voor het bouwen aan een wendbare organisatie. De theorie wordt afgewisseld met inspirerende voorbeelden. Verschillende publieke organisaties die hun veranderopgave oppakten, komen aan bod. Hoe zij hun dienstverlening verbeterden en daarmee ook het werkplezier van hun medewerkers. Zeker nu ook in het onderwijs het personeelstekort oorzaak en gevolg is van de grote werkdruk, zou het invoeren van sociale innovatie wel eens een stevige verbeterimpuls kunnen zijn. De werknemer die gezien wordt, en die – binnen grenzen- de eigen professionele inbreng kan hebben ervaart minder werkdruk. Een verbeterimpuls dus die niet alleen leidt tot een betere dienstverlening, maar er ook zorgt dat het werken in het onderwijs leuker wordt. Daar worden we dus allemaal beter van! 

Alle mens aan dek; sociale innovatie en haar vier hefbomen


‘Alle mens aan dek’ door Loubna Zarrou en Marjolijn Grijns


Lees ook:

THRM; Monitoren van sociale innovatie: slimmer werken, dynamisch managen en flexibel organiseren 

 

Posted by Redactie Onderwijscommunity